Stercellen worden soms hersenstamcellen (bij muisjes)

MethSCAn

Voor de goede verstaander: een overzicht wat er et MethSCAn allemaal mogelijk is (afb: Ana Martin-Villalba et al./Nature)

Hersenstamcellen verschillen nauwelijks van de normale astrocyten (stercellen). Hoe kunnen bijna identieke cellen zulke verschillende functies vervullen? Onder bepaalde omstandigheden zouden die stercellen zich kunnen omvormen, ontdekten onderzoeksters van het Duitse kankercentrum (DKFZ) en de uni van Heidelberg bij muisjes. Lees verder

Zeeanemoontje wordt ‘onsterfelijk’ door oude genen

Nematostella vectensis

Het zeeanemoontje Nematostella vectensis is ‘onsterfelijk’ (afb: WikiMedia Commons)

De zeeanemoon Nematostella vectensis is feitelijk onsterfelijk. Ontwikkelings-biologen onder aanvoering van Ulrich Technau (@dres) van de Universiteit van Wenen zouden voor het eerst mogelijke kandidaten voor multipotente stamcellen in de zeeanemoon hebben geïdentificeerd. Deze stamcellen worden gereguleerd door evolutionair zeer goed bewaarde genen, die bij mensen en andere zoogdieren doorgaans alleen actief zijn bij de vorming van geslachtscellen, maar die oudere diersoorten zoals neteldieren een hoge mate van herstelvermogen geven waarmee die, in theorie, niet zouden verouderen. En weer lonkt de eeuwig jonge mens. Lees verder

Embryonale stamcellen hebben geen last van replicatiestress

Celreplicatie

Als stamcellen delen moet het DNA verdubbeld worden. Dat gebeurt anders bij stamcellen (boven) dan bij embryonale bindweefselcellen, bijvoorbeeld (onder) (afb: Tomomi Tsubouchi et al./EMBO Reports)

Embryonale stamcellen zijn pluripotente stamcellen die alle celtypen van een organisme kunnen produceren. Ze prolifereren snel en er werd aangenomen dat ze hoge niveaus van intrinsieke replicatiestress zouden ondervinden. Dat lijkt anders te zitten. Stamcellen hebben een ander replicatieritme dan gespecialiseerde cellen. Lees verder

Stamcellen laten zich een richting op buigen

YAP

De structuur van YAP (afb: WikiMedia Commons)

Onlangs ontdekten onderzoekers van de McGill-univeriteit in Canada dat door de kernen van stamcellen in verschillende mate uit te rekken, te buigen en te pletten ze die stamcellen heel precies een bepaalde ontwikkelingsrichting op konden sturen zodat er, bijvoorbeeld, botcellen of vetcellen uit zouden ontstaan. De onderzoekers denken dat die kneedtechniek zal kunnen leiden tot nieuwe stamcelbehandelingen die hun mogelijkheden nog niet hebben uitgebuit. Lees verder

Mechanische stimuli bepalen mede ‘lot’ stamcellen

Jiwon Jang

Jiwon Jang (afb: Postech)

Het ziet er naar uit dat het ‘lot’ van stamcellen mede bepaald wordt door ook mechanische stimuli. Daarin zou het eiwit ETV4 een hoofdrol spelen, ontdekten onderzoekers rond Jiwon Jang van de universiteit van Pohang (Postech) in Zuid-Korea (waar hij niet te vinden is; as). Een aanverwant onderzoek onder leiding van Roberto Mayor van de universiteit van Santiago in Chili en het universiteitscollege in Londen laat zien dat ook druk het ‘lot’ van stamcellen kan veranderen.
Lees verder

Vernietigen bloedstamcellen verjongt de afweer (bij muisjes)

Cellen in het beenmerg

Cellen in het beenmerg (afb: WikiMedia Commons)

Door bloedstamcellen te vernietigen met antilichamen bleek het afweersysteem van 18 tot 24 maanden oude muisjes (56 tot 70 jaar bij mensen) te worden verjongd, zo bleek onderzoekers van, onder meer, de Stanforduniversiteit rond Irving Weissman. Lees verder

Een badje waarin hersenstamcellen zich prettig voelen

hersenstamcelbadje

Hersenstamcelbadje waarvan lading en toegevoegde groeifactor FGF2 bepalen welke hersencellen er ontstaan (NPSC=hersenstamcellen, astrocyten zijn een vorm van gliacellen) (afb: Kristine Glotzbach et. el/ACS)

Onderzoekersters hebben een badje gevonden waar hersenstamcellen zich prettig in voelen en dat aanmaak van nieuwe hersencellen zou kunnen bevorderen. Zenuwcellen in het centrale zenuwstelsel herstellen nauwelijks doordat zich bij beschadiging met vloeistof gevulde holtes en bindweefsel vormen die herstel tegengaan. Het idee is die holtes op te vullen met een ‘badje’ waarin hersenstamcellen zich optimaal voelen. Het ‘badje’ bestaat uit positief geladen hydrogels met wat toevoegingen. Lees verder

‘Stamcellen’ in hersens gevonden bij patiënten met hersenschade

Gliose

Gliose is de reactie van gliacellen (hier stercellen) op schade (afb: Götz et. al/Nature)

Al tientallen jaren wordt er gestreden over het bestaan van hersenstamcellen, die schade in de hersens zou kunnen herstellen. Voorlopig wordt er door de meeste hersenonderzoekers van uit gegaan dat die misschien hooguit in de hippocampus hersenstamcellen zouden (kunnen) zijn. Nu lijken onderzoeksters in Duitsland bij mensen met hersenschade cellen te hebben ontdekt met eigenschappen van hersenstamcellen. Daarbij speelt het eiwit galectine-3 een rol dat meteen als kandidaat wordt aangemerkt voor therapeutische doeleinden. Lees verder

Hartje met afzonderlijke kamers gekweekt

Kweekhartje met kamers

Doorsnede van een kweekhartje. Met de aorta in blauw, linker hartkamer in wit en de rechter- in paars ( Afb: IMBA/Tobias Illmer)

Onderzoekers van het Oostenrijkse instituut voor moleculaire biologie rond Sasha Mendjan hebben een hartje gekweekt met afzonderlijke kamers dat zou lijken op een hartje in een vroege ontwikkeling van een embryo. Voorlopig zijn dit soort kweekorgaantjes vooral bedoeld voor de bestudering van de hartontwikkeling en het effect van medicijnen. Volwassen (mensen)organen kweken die gebruikt kunnen worden voor implantatie zijn voorlopig zeker nog niet aan de orde. Lees verder

Leidt gentherapie bij bloedstamcellen tot extra mutaties?

klontering sikkelcellen

Een (getekende) klontering van sikkelcellen (afb: UChicago)

In het VK is net een genbehandeling voor patiënten met sikkelcelanemie goedgekeurd, maar nu ontdekten onderzoekers dat bloedstamcellen die genetisch zijn gerepareerd bij sikkelcelanemiepatiënten mutaties vertonen die ze sneller doen groeien. Sommige van die mutaties worden aangetroffen bij sommige ouderen en bij mensen met bepaalde bloedkankers zoals leukemie. Die mutaties zouden vaker optreden bij oudere patiënten dan bij jongere. Overigens was het aantal proefpersonen bij dit onderzoek erg beperkt (zes) en daarmee de zeggingskracht. Lees verder