Bloed/hersenbarrière lek bij Alzheimer

Het opbouwen van een bloed/hersenbarrièremodel

Het opbouwen van een bloed/hersenbarrièremodel. bEC staat voor (bloed)endotheelcellen), AD-cellen zijn Alzheimercellen (afb: MIT)

De voor de ziekte van Alzheimer kenmerkende beta-amyloïde-plaques in de hersens verstoren hersenfuncties en veroorzaken de dood van hersencellen. Die eiwitklonteringen zouden echter ook verantwoordelijk zijn voor het lek raken van de bloed/hersenbarrière waardoor normaaluit de hersens geweerde stoffen het effect van de ziekte kunnen verergeren. Onderzoekers van, onder meer, het MIT in Cambridge (VS) kregen dat vermoeden bevestigd op basis van onderzoek aan een model voor die barrière. Lees verder

Alzheimercapsules voorkomen plaques bij muizen

De capsule met antilichamenproducerende cellen weer Alzheimer

De capsule met antilichamenproducerende cellen (afb: Patrick Aebischer (EPFL)

Onderzoekers van de polytechnische hogeschool in Lausanne (EPFL/Zwi) zouden hebben bewezen dat muizen geen Alzheimer kregen als ze een capsule onder de huid kregen geïmplanteerd met genetisch veranderde cellen die bepaalde antilichamen produceerden. Of de Alzheimercapsule praktisch is, is nog maar de vraag, maar opzienbarend is het wel.  Lees verder

Zenuwgroeifactor via neus (rat) toegediend

Het bleek Italiaanse onderzoekers mogelijk om de zogeheten zenuwgroeifactor bij ratten via de neus toe te dienen, waarna die groeifactor de bloed/hersenbarrière passeert en enig heilzaam werk verricht in het ruggenmerg. Die groeifactor is van belang voor de gezondheid van zenuwcellen en ook van de aanmaak ervan. Het ging er Luigi Aloe van het instituut voor cel- en neurobiologie van de Italiaanse onderzoeksraad in de eerste plaats echter om, om aan te tonen dat de groeifactor de bloed/hersenbarrière kan passeren, zonder dat dat negatieve gevolgen heeft voor de behandeling van hersenziektes. Overigens ligt het wel in de bedoeling om schade aan zenuwcellen op deze manier te herstellen. Na drie weken toediening via de neus was de groeifactor inderdaad aantoonbaar in het ruggenmerg aanbeland. Het aantal receptoren voor de groeifactor op de zenuwcellen was toegenomen. Ratten met een beschadigde ruggenmerg scoorden beter op het punt van beweging (hoe snel legt de rat 1 m af) dan een rat met beschadigd ruggenmerg dat zich op wieltjes moest voortbewegen. En nee, ook hier hebben we het niet over dierenrechten, want die beschadigingen van het ruggenmerg werden met opzet aangebracht.

Bron: Eurekalert