Zijn proefdieren te vervangen door miniorganen-op-chip?

De minihersens van Hoffman-Kim

De minihersens van Hoffman-Kim

Twee jaar geleden kweekte Diana Hoffman-Kim haar eerste hersenbolletjes, piepkleine miniorgaantjes van hersencellen van muizen. Sedertdien heeft ze duizenden minihersentjes gekweekt die vol elektrisch leven zitten. Echt leven doen ze niet. Om zelfstandig zonder de hulp van labmedewerkers te kunnen bestaan hebben ze bloed nodig. Vorig jaar zagen studenten van Hoffman-Kim dat er in de minihersentjes spontaan bloedvaten onstonden. Dat was nog nooit waargenomen. Ze werkt nu aan de Amerikaanse Brown-universiteit met een collega aan miniorgaantjes op chip, voorziening van een kunstmatig ‘bloedvoorziening’, die bij, onder meer, medicijnonderzoek proefdieren zouden kunnen vervangen, denkt ze. Lees verder

Een hart in een doosje als ‘proefdier’

'Kunsthart'

Het Californische ‘kunsthart’

Dierproeven zijn bij farmaceutisch onderzoek bijna onontkoombaar, maar al jaren worden er pogingen in het werk gesteld die te mijden. Dat is niet zo zeer of niet alleen ingegeven door dierenliefde, maar ook door de ‘onvoorspelbaarheid’ van dierproeven. Proeven die met proefdieren een positief resultaat opleveren hoeven niet per se ook bij mensen te slagen. Er wordt gewerkt aan proefsystemen die beter voorspellen hoe therapieën of kandidaatmedicijnen op mensen uitwerken. Onderzoekers van de universiteit van Californië in Berkeley hebben hartcellen gekweekt om als ‘proefdier’ te fungeren. Ze hadden de hartcellen gekoppeld aan een voedselvoorziening en testen daarop hartmedicijnen. Lees verder

Een muis is geen mens maar is als model bruikbaar

Mensgenoom vergeleken met muisgenoom

De genen op chromosoom-1 van de mens met die in het muisgenoom. Die blijken verdeeld over verschillende chromosomen

Een muis is geen mens en toch worden muizen vaak als proefdier genomen als voorfase op de klinische proeven. De vraag is steeds of muisproeven een goede indicatie zijn voor de mens en nu heeft een grote groep onderzoekers (136) het functionele muizengenoom doorgespit en dat vergeleken met het menselijk erfgoed. Een belangrijk deel van de muizengenen komen bij mensen niet voor, maar een groot deel komt ook wel weer overeen. Dat zou op zijn minst moeten leiden tot enige voorzichtigheid aangaande de geldigheid van muisproeven voor mensen. “Lang is gedacht wat bij de muis ontdekt wordt dat dat waarschijnlijk ook zo is bij mensen”, zegt Bing Ren van de universiteit van Californië in San Diego, een van de 136. “Dat idee moet systematisch worden geëvalueerd en gewogen.”
Lees verder

Een chip in plaats van proefdieren (?)

BiochipNog steeds worden er veel proefdieren gebruikt voor de ontwikkeling van medicijnen en van behandelmethoden. Celkweken kunnen een deel van het proefdieronderzoek vervangen, maar zijn niet je ware: een organisme reageert niet hetzelfde als een verzameling cellen. Er wordt op diverse fronten aan systemen gewerkt ter vervanging van dierproeven, niet zo zeer uit medelijden met die arme muisjes, maar omdat dierproeven vrij traag resultaat opleveren en bovendien zijn proefdieren geen mensen. Het zou mooi zijn om een soort menselijk organisme na te bootsen op een ‘chip’.
Lees verder