
Door in T-cellen de genen EP2 en EP4 uit te schakelen kan prostaglandine E2 niet meer voorkomen dat T-cellen kankercellen opruimen (afb: Sebastian Kobold et al./Nature Biomedical Engineering)
Ooit werd de CRISPR-methode, de bacteriële afweer van bacteriën tegen virussen (bacteriofagen), de manier om het DNA nauwkeurig te veranderen. Daaruit ontstonden behandelingstechnieken zoals CAR-T-therapieën. Dat bacteriële systeem bleek echter minder nauwkeurig te zijn dan het menselijke gebruik vergde. Keer op keer werden verbetering van de CAR-T-aanpak voorgesteld, vooral als behandeling van vaste tumoren, maar kanker bleek een veelkoppig monster dat niet voor een gat was te vangen.
Nu komen onderzoekers rond Sebastian Kobold van de Ludwig-Maximilianuniversiteit in München met een nieuwe aanpak door T-cellen (de ‘soldaten’ onder de afweercellen) zo te veranderen dat prostaglanine E2 niet aan ze kan hechten. Dat eiwit speelt met de (vaste) kanker onder een hoedje om het afweersysteem het zwijgen op te leggen, maar is dat afdoende? Kankers blijken een hoop ’trucs’ te hebben om de afweer lam te leggen. Lees verder

Gentherapieën zijn al jaren een belofte om genetische aberraties te herstellen, maar proeven daarmee bleken ook vaak op te lopen tegen niet voorziene problemen. Het lijkt er op dat er nu zo langzamerhand een paar ‘winnaars’ zijn komen bovendrijven al is het ook daar nog allesbehalve koek en ei. Sommige behandelingen werken wel, maar halen de oorzaak niet weg en verreweg de meeste (misschien wel alle) genbehandelingen zijn vreselijk duur. We hebben het dan over honderdduizenden of zelfs miljoenen euro’s (eigenlijk dollars), schrijft Nature en een verhaal over min of meer succesvolle therapieën. Het blad geeft vier voorbeelden daarvan. Uitsluitend Amerikaans, overigens 
