‘Muisembryo’ in een petrischaaltje gekweekt

gekweekte rompstructuur

De gekweekte rompstructuur (midden) die zou lijken op een muisembryo van vijf dagen (afb: Herrmann et. al)

Met behulp van stamcellen van muisjes zouden onderzoekers van het Max Planck-instituut voor moleculaire genetica in Berlijn in een speciale gel een cellenstructuur hebben gekweekt die wel wat weg had van een muisembryo. Er zouden structuren aanwezig zijn die wezen in de richting van neurale, bot- en spierweefsel. Dergelijke ‘kweekembryo’s’ zouden goede diensten kunnen bij farmacologisch onderzoek maar ook bij de bestudering van de vroege ontwikkeling van embryo’s, denken de onderzoekers. Lees verder

B-RNA aanpakken met CRISPR-techniek in embryo’s

RfxCas13d om b-RNA te bewerken

Het RfxCas13d-systeem in beeld gebracht (afb: Stowersinstituut)

De CRISPR-methode heeft inmiddels al een hele naam opgebouwd als bewerker van DNA, maar de laatste tijd wordt ook steeds vaker RNA bewerkt met de CRISPR-methode. Onderzoekers in Spanje en de VS hebben nu bij embryo’s van proefdieren boodschapper-RNA bewerkt. Die methode zou een bruikbaar alternatief zijn voor het bewerken van het embryogenoom als het bijbehorende gen, bijvoorbeeld, wezenlijk is voor de embryo-ontwikkeling. Deze benadering zou ook bruikbaar zijn voor de bewerking van RNA-moleculen die van de moeder afkomstig zijn. Lees verder

Een visembryo dat even niet ouder wordt

Killivisembryo's kunnen ontwikkeling stilzetten

Killivisje (afb: WikiMedia Commons)

De killi turqoise (Nothobranchius furzeri), geen idee of dat visje ook een Nederlandse naam heeft, lijkt een bijzondere vaardigheid te hebben. In embryonale toestand kan het beestje zijn ontwikkeling een tijdje stilleggen als de omstandigheden slecht zijn. Maanden later kan die weer verder gaan alsof er niks aan de hand is geweest. Lees verder

Het DUX4-gen staat op begin embryo-ontwikkeling

DUX4 aanstichter genoomactiviteit embryocellen

Het DUX4-gen zit op chromosoom 4

Het begint allemaal met een zaad- en een eicel. De uit de samensmelting resulterende bevruchte eicel (de zygoot) bevat een kopie van het genoom van beide ouders, maar dat genoom wordt pas actief nadat de zygoot zich enkele malen gedeeld heeft. Wat gebeurt er om die, wat heet, zygote genoomactivering, te laten plaatsvinden? Wie of wat is de ‘aanstichter”? Onderzoekers van het EPFL (Zwi) denken die nu gevonden te hebben in een eiwit uit de DUX-familie: DUX4 bij mensen en DUX bij muizen. Ik vraag me dan af: hoe komt dat eiwit dan ineens in die embryocellen? Daarvoor zal toch het DUX4-gen moeten zijn geactiveerd? Lees verder