Muizenembryo’s van stamcellen gekweekt in kunstbaarmoeder

Kunstbaarmoeder

Kunstbaarmoeder (afb: Weizmanninstituut)

Wat er in de baarmoeder gebeurt is nog steeds een van de best bewaarde geheimen in de biologie. Onderzoekers zijn al langer bezig die situatie na te bootsen in labsystemen, maar die pogingen zijn tot nu toe alle gesneefd. Hoe en waardoor is niet duidelijk, maar ze geven het niet op. Nu zijn muizenembryo’s gekweekt in een kunstbaarmoeder uitgaande van embryonale stamcellen. Die ontwikkelden zich tot de achtste dag (draagtijd muizen is twintig dagen) en daarna stokte de ontwikkeling. De onderzoekers rond Jacob Hanna van het Weizmanninstituut in Isaraël willen de truuk ook met menselijke embryonale stamcellen uithalen. Alleen maar om de geheimen van de voorgeboorte te ontrafelen of om weefsels te kweken, stellen ze, niet om kindjes in de fabriek te maken.
Eerdere pogingen zijn steeds gestrand. De cellen differentieerden wel, maar er vormden zich geen organen. De (muizen)embryo’s leefden niet langer dan een paar dagen. Vorig jaar ontwikkelden Hanna en collega’s een voedingssysteem dat ze in staat stelde muisembryo’s tot elf dagen in leven te houden. De kunstbaarmoeder bevat een vloeistof met voedingsstoffen en groeifactoren (een bepaald type eiwitten noodzakelijk voor de ontwikkeling). Daarmee zijn ook andere belangrijke factoren zoals de zuurstoftoevoer in de hand te houden.

Deze recordembryo’s hadden hun oorsprong echter in bevruchte eitjes. Om te zien of dat ook lukte uitgaande van embryonale stamcellen mengden de onderzoekers emrbyonale stamcellen (van muizen) met stamcellen die genetisch zo veranderd werden dat ze zich ontwikkelden tot een moederkoekachtig weefsel. Die werden van kweekschaaltjes op de vijfde dag in de kunstbaarmoeder geplaatst.
Op de achtste dag hadden die stamcelembryo’s zich ontwikkeld tot een normale muisembryo na achtenhalve dag met een kloppend hartje, een hoofdje, een staartje met blokachtige segmenten die zich ontwikkelen tot skeletspieren, hersentjes in ontwikkeling en het begin van andere organen. De onderzoekers maten de genactiviteit in meer dan 40 000 embryocellen. Volgens de onderzoekers zaten die op de plaats die je mocht verwachten. Toen stopte de ontwikkeling. De onderzoekers hopen die ontwikkeling nog verder te kunnen doorvoeren.

Meestal niet

De gevolgde methode is niet bepaald efficiënt. Maar zo’n krappe 1% van de pogingen resulteerde in iets dat op een muizenembryo leek. Volgens Hanna is dat geen probleem. Hij noemt de methode een ethisch en technisch alternatief voor het gebruik van embryo’s (ik neem aan dat hij dan vast vooruitloopt op het ontwikkelen van embryo’s uit menselijke stamcellen; as).
Hanna heeft met wat collega’s alvast een bedrijf gesticht dat zou moeten uitzoeken of ook uit geïnduceerde pluripotente stamcellen van mensen een mensenembryo is te kweken. Cellen en weefsels in een embryo maken eiwitten aan die de ontwikkeling van het embryo beïnvloeden. Op die manier zouden dan bepaalde weefselcellen kunnen worden gekweekt om soortgelijke cellen die in de fout zijn gegaan bij een patiënt te kunnen vervangen, is het idee, maar ik vraag me af wat er gebeurt als het lukt op die manier een mensenembryo tot volle wasdom te brengen.

Bron: Science

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.