Mag je een aap autisme ‘aansmeren’?

Dwergmakaak met kind

Deze dwergmakaak met kind is niet bij het onderzoek betrokken

Veel mensen hebben geen problemen met dierproeven, zolang die maar niet al te dicht in de buurt komen. Het wordt anders als het over honden of aapjes gaat. En dan nog? Wat zeggen die dierproeven over ziektes of medicijnen bij de mens? Onlangs hebben Chinese onderzoekers aapjes een soort autisme ‘aangesmeerd’ met behulp van genetische manipulatie. Kan dat wel? Hebben wij mensen daar wat aan?
De genetisch bewerkte makaken hebben een extra kopie van het MECP2-gen. Het bijbehorende eiwit is essentieel voor het zenuwstelsel, maar mensen met meer dan een kopie van dat gen zijn soms autistisch en hebben ernstige geestelijke beperkingen. Onderzoekers van het instituut van neurowetenschappen van de Chinese academie van wetenschappen denken dat die genetische gemanipuleerde apen ons meer kennis brengen over autisme, maar veel van hun collega’s twijfelen aan de waarde van het onderzoek voor mensen.
Onderzoeker Zilong Qiu gelooft dat er verschillende, zeldzame mutaties kunnen leiden tot wat we autisme noemen, maar ook dat die dezelfde circuits in de hersenen aandoen. Door de MECP2-spiegels te verhogen bij makaken, werden die minder sociaal en ontwikkelden ze de gewoonte rondjes te rennen. De onderzoekers proberen nu in de apenhersens te ontdekken welke delen daarvoor verantwoordelijk zijn.
“Ik denk dat het feit dat we niet begrijpen wat er ten grondslag ligt aan dat gedragsprobleem een van de grootste beperkingen op het ogenblik is”, zegt Matthew Anderson van de Harvard-universiteit. Volgens hem is wat de Chinezen doen pionierarbeid, maar de apen hebben geen geestelijke beperkingen of epileptische aanvallen, zoals mensen met een dubbel MECP2-gen. Dit onderzoek zou tot een beter ‘aapmodel’ voor autisme kunnen leiden, denkt Anderson.

Diermodel

Niet iedereen is daarvan overtuigd. Afwijkend sociaal gedrag is het belangrijkste kenmerk van autisme, vindt David Skuse van het University College in Londen. “De vraag is: Als je een diermodel hebt van een menselijke genetische afwijking, wat vertelt dat dan over het autisme in het algemeen? Ik denk dat het je niet noodzakelijkerwijs iets vertelt over autisme.” Ook andere dieren als muizen en ratten, de gebruikelijke slachtoffers, zijn gebruikt voor autismeonderzoek, maar het is niet erg duidelijk wat autistisch gedrag bij die dieren kenmerkt. Veel studies kijken naar herhaalde bewegingen, maar dat gedrag is bij autistische kinderen verre van gewoon. Het is ook de vraag of de voorwaarden die gelieerd worden met autistisch gedrag afhankelijk zijn van hetzelfde ‘hersencircuit’. Skuse: “Het is volgens mij erg naïef en onwaar om te verwachten dat een enkele biologische route die abnormaal functioneert leidt tot autisme.”
Qiu en zijn medeonderzoekers proberen dat ‘hersencircuit’ toch te vinden. Ze zijn van plan om de toestand van de apen te verbeteren door gebruik te maken van genetische modificatie.

Bronnen: New Scientist, De Morgen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.