Levende ‘robots’ gemaakt van huidcellen van een kikker

Lvende machines

Een xenobot (afb: Douglas Blackisgon)

Vorig jaar werden voor het eerst zogeheten xenobots gefabriekt, naar de naam van de kikker Xenopus laevis. Daarvan waren huid- en hartspiercellen gebruikt om die ‘levende machines’ te maken. Nu hebben de onderzoekers hun ontwerp verbeterd en laten zien dat die tot meer in staat zijn.
De xenobots die Michael Levin van de Tuftsuniversiteit in Massachusetts en collega’s nu hebben gemaakt bestaan uit cellen van kikkerembryo’s van een dag, die na enige manipulaties ronde celstructuren opleverden. De vorige versie bestond uit, onder meer, hartspiercellen om de xenobot voort te bewegen, maar deze versie gaat sneller door ‘haren’ op het oppervlak. Ze leven ook drie tot zeven dagen langer dan hun voorgangers die maar zeven dagen in leven bleven. De nieuwe xenobotversie is in staat om tot op zekere hoogte hun omgeving te ervaren. Zo worden de xenobots rood onder invloed van blauw licht.

“Wat je hier doet is huidcellen los weken van hun normale omgeving” zegt Levin. “Je geeft ze een kans om hun meercelligheid opnieuw vorm te geven. Ze vormen andere dingen dan ze normaal doen. Dat is voor mij een van de fascinerende kanten van dit onderzoek: hun plasticiteit. Cellen kunnen, ook als ze niet genetisch veranderd zijn, met een normaal kikkergenoom iets compleet anders worden.”

Samenwerking

De bots zijn tussen een kwart en een halve millimeter groot en opereren in ‘scholen’. Daarbij werken ze samen om een bepaalde taak uit te voeren. Het zijn in wezen ‘natuurlijke’ producten, die, na af te sterven, netjes afbreken. Medeonderzoeker Douglas Blackiston denkt dan ook dat die xenobots gebruikt zouden kunnen worden voor biomedische en milieutoepassingen.

Robotonderzoekers zouden al lang op zoek zijn naar ‘kudde-intelligentie’, een onderwerp waar ook biologen zich mee bezighouden. Daar zouden die xenobots een rol kunnen spelen. Er zouden ook geen ethische problemen kunnen ontstaan, denken de onderzoekers, aangezien deze xenobots geen hersencellen hebben en daardoor geen ‘dieren’ zijn (?). Dat is allemaal leuk en aardig, maar de vraag is (voor mij) allereerst: hoe manipuleer je die botjes tot welke zinvolle taken in samenwerking?

Bron: New Scientist

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.