Genetische verandering afweercellen verbeterd

Snelle en effectieve manier T-cellen genetisch aan te passen

Met behulp van elktroporering en plasmiden wordt het gereedschap aan de afweercellen afgeleverd, de cellen worden gesorteerd en genetisch veranderd. (afb: J. of immonology)

Papier is geduldig. Als daarop staat dat dierproeven aannemelijk hebben gemaakt dat netvliesveroudering is te repareren met behulp van een gentherapie dan denkt natuurlijke elke leek en zeker familieleden van mensen met netvliesveroudering of de patiënten zelf dat die ziekte zijn langste tijd heeft gehad. Dat is zelden zo. Er blijken altijd weer wat haken en ogen aan zo’n methode te zitten. Er wordt al tijden genetisch gesleuteld aan afweercellen om ze ‘weerbaarder’ te maken tegen allerlei ziektes. Nu is er dan weer methode ontwikkeld waarmee afweercellen ‘snel en efficiënt’ klaar te maken voor de strijd. We zullen zien…

Allerwegen, ook in dit blog, is de lof van de CRISPR-techniek gezongen. Daarmee, wordt keer op keer betoogd, kunnen we heel precies stukjes DNA wegknippen en nieuwe toevoegen. Dat is sneller en makkelijker gezegd dan gedaan. Onderzoekers van, onder meer, de universiteit van Bazel (Zwi) onder aanvoering van Lukas Jeker schijnen nu een methode ontwikkeld te hebben waarmee die genetische aanpassing ook efficiënt en snel te doen is.
De onderzoekers haalden T-cellen uit muisjes en zetten die op kweek. Ze gebruikten een plasmide, een DNA-vorm gevonden bij eencelligen zoals bacteriën, om met behulp van elektroporering twee ‘onderdelen’ af te leveren aan de T-cellen: RNA-moleculen die zich aan specifieke delen van DNA binden en Cas9, de ‘genschaar’ die daar het DNA openknipt.
Het DNA wil die schade repareren, maar dat gaat vaak fout en het gen wordt uitgeschakeld. Het is ook mogelijk om het genetische materiaal te herschrijven, maar dit is veel moeilijker en minder efficiënt. Later werden de aangepaste cellen terug in de muisjes gebracht.

Werkzaam

De T-cellen overleefden in de muisjes en waren volledig werkzaam: ze vermenigvuldigden zich, verplaatsten zich naar lymfeklieren en naar de milt en gedroegen zich zoals verwacht tijdens een ontsteking. Ze deden wat ook genetisch veranderde T-cellen worden verwacht te doen.
Met behulp van bepaalde zelfontwikkelde proeven, waren de onderzoekers in staat om de doelmatigheid van de kleine, precieze veranderingen te verbeteren.
Ze slaagden er ook in met hun methode een fout in het FOXP3-gen te repareren, die leidt tot diverse autoimmuunziektes bij muisjes. Aangezien de gebruikte methode eenvoudig is zou die ook goedkoop zijn.

“Onze methode is gericht op ‘genchirurgie’ in T-cellen en opent nieuwe perspectieven voor de ontwikkeling van nieuwe T-celtherapieën”, stelt Jeker.

Bron: Alpha Galileo

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.