‘Kankervaccin’ maakt korte metten met tumor (bij muizen)

T-cellen

T-cel

Door kleine hoeveelheden stoffen, het antilichaam retuximab en een stukje DNA, in een tumor bij muisjes te injecteren die het afweersysteem stimuleren, verdween elk spoor van kanker in de diertjes, met inbegrip van onbehandelde uitzaaiingen elders in hun lijfjes. De onderzoekers van de Amerikaanse Stanforduniversiteit die dit onderzoek uitvoerden denken dat de werkwijze ook voor andere kankersoorten kan werken. Door de kleine hoeveelheden waarmee gewerkt wordt zou deze methode niet zulke grote bijwerkingen hebben als technieken waarbij het afweersysteem in hele lichaam wordt gestimuleerd. Er is een klinische proef met lymfeklierkanker onderweg.

“Hiermee hoef je niet een bepaald doelwit van het afweersysteem te achterhalen en je voorkomt de totale activering daarvan of het personifiëren van de immuuntherapie”, zegt oncoloog Ronald Levy. Dat zou betekenen dat deze behandeling relatief goedkoop is (op de koop toe).
Een van beide stoffen, het antilichaam, is in de VS al toegelaten voor gebruik bij mensen. In januari is er een klinische proef gestart bij patiënten met een lymfoom (lymfeklierkanker).

Rituximab

Levy, die naam schijnt gemaakt te hebben op het gebied van immuuntherapie, en zijn medewerkers ontwikkelden rituximab, een van de eerste monoklonale antilichamen (vandaar dat ab aan het eind: antibody). Levy: “De vorderingen bij immunotherapieën hebben de medisch praktijk veranderd. We gebruiken een keer kleine hoeveelheden van twee stoffen zodat de afweercellen alleen in de tumor aan het werk gaan. Toch zagen we bij de muizen effecten door het hele lichaam, terwijl de tumor uiteindelijk verdween.”
We praten hier over mikrogrammen, duizendsten van duizendsten van grammen. Naast het antilichaam dat bindt aan de OX40-receptor van de T-cellen, waardoor die de strijd aangaan, kregen de muisjes een stukje DNA toegediend, dat wordt aangeduid met een CpG-oligonucleotide. Dat versterkt de activiteit van het gen dat codeert voor die OX40-receptor. Alleen de aldus ‘aangedane’ T-cellen gaan de strijd aan.
Het schijnt dat sommige van die aldus gewapende T-cellen ook elders in het lichaam op zoek gaan naar kankercellen. Bij muisjes met twee lymfoomtumoren bleek de tweede ook te verdwijnen als het ‘kankervaccin’ alleen in de eerste tumor werd gespoten.
Op die manier werd zo’n 90 muisjes genezen van kanker. Bij drie muisjes keerde die weer terug, maar na een tweede behandeling verdwenen de kankercellen weer. Soortgelijke effecten zagen de onderzoekers bij muisjes met borst-, darm- en huidkanker.
Het bleek overigens wel dat de T-cellen kieskeurig te werk gaan. Bij muisjes met én lymfeklierkanker en darmkanker, waarbij het ‘kankervaccin’ in het lymfoom werd ingespoten, verdwenen alleen de lymfetumoren en werden de darmkankercellen ongemoeid gelaten. Levy: “Dit is een heel gerichte benadering. We vallen specifieke doelwitten aan zonder dat we die eerst moeten identificeren.”

Klinische proef

Voor de klinische proef die van start gaat worden vijftien patiënten gezocht met kleine lymfomen. Als die proef slaagt dan zou deze behandeling wel eens voor vele kankertypes kunnen werken. Levy voorziet dat in de toekomst deze techniek gebruikt kan worden voor de chirurgische verwijdering van tumoren, om uitzaaiingen en verdwaalde kankercellen onschadelijk te maken of zelfs om te voorkomen dat er tumoren ontstaan door mutaties in de ‘kankergenen’ BRCA1 en BRCA2.

“Ik denk niet dat er een grens zit aan de tumoren die we zo kunnen behandelen, zolang die maar gepenetreerd zijn door het afweersysteem”, besluit de onderzoeker

Bron: EurekAlert

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *